5 maanden

Paasboom

Gisteren was het 5 maanden geleden dat ons jongetje dood geboren werd.

Het was een fijne dag. Zonnig. Overdag rustig. ’s Avonds kwam een vriendin van ons, alleenwonend en daardoor niet heel blij met de isolatie, eten en een spelletje doen. Heerlijk gegeten, gezellig gehad.

Vorige maand schreef ik nog dat ik de mama-dagen met Lumen de hele dag om me heen zo miste. Vanaf de week erna is ze thuis wegens corona. Carefull what you wish for 😉 Het was de eerste twee weken natuurlijk wennen. Het is hartstikke intensief. En we moesten onze draai vinden in het thuisonderwijs: lesjes vinden, een schema zoeken wat werkt. Dat is gelukt. En eigenlijk heb ik het idee dat het vele thuis zijn haar goed doet. Ze rust lekker uit, geniet van het bij ons zijn, is veel met haar broertje bezig.

Toen we daarin net onze draai hadden gevonden, kreeg Lumen eerst een weekend koorts, en drie dagen daarna een enorme allergische reactie. À la brandnetels, maar dan alsof ze een half uur erin had liggen rollen. Met plekken van 10 bij 20 cm over haar hele bovenlijf tot gevolg. ’s Avonds zoveel jeuk en pijn, dat ik via de spoedpost medicatie ben gaan ophalen in de apotheek van het ziekenhuis. De laatste keer dat ik daar was, was ik net zwanger van Tieme. Bezorgd, in grote spanning, maar vooral blij. Raar en niet makkelijk er, bijna een jaar later, weer te zijn. In zulke andere omstandigheden.

We zijn uiteindelijk drie dagen met die nare plekken bezig. We houden Lumen binnen, halen alles waar ze misschien op kan reageren uit haar dieet, wisselen wasmiddel en handzeep om voor Neutral, en ik doe 10 wassen om haar kleding allemaal te ontdoen van de mogelijke boosdoener. We zijn continue nieuwe plekken aan het koelen. ’s Nachts slapen we matig. De medicatie helpt, maar niet genoeg om nieuwe uitbraken te voorkomen.

Tussendoor gebeurde ook nog het akkefietje met het geboortekaartje waar ik een paar dagen totaal van ondersteboven was. Vooral omdat het me deed beseffen dat de buitenwereld gewoon niet in de gaten heeft hoe moeilijk veel dingen voor ons zijn, hoe gevoelig dingen nog liggen voor ons. Hierdoor besefte ik me dat het nog een lange weg te gaan is voordat ik weer gere-integreerd ben in die buitenwereld. Voordat ik weer durf aan te sluiten bij de maandelijkse vriendinnenborrel, durf te gaan werken, familiedagen durf te bezoeken.

En nu. Lumen is weer helemaal opgeknapt. We weten de oorzaak van de reactie nog niet, maar ze mag inmiddels de meeste dingen weer: buiten spelen, zuivel drinken, paprika, meloen en tomaat. Het is heerlijk weer. We zijn weer bijgeslapen. We hebben de paasboom opgetuigd, iets wat ik de afgelopen jaren met Lumen doe, en waar ik ontzettend blij van word.

Natuurlijk is het intensief om ons meisje hele weken thuis te hebben door corona. Maar het helpt haar dus ook. En voor mij betekent het een gedwongen uitstel van die boze buitenwereld. Een hoop dingen waarvan ik anders over na had moeten denken of ik het al aandurfde, gaan nu gewoon niet door. En dat is stiekem ook best lekker.

Het voelt als golven. Steeds als we ons ingesteld hebben op de nieuwe situatie, als we weer een beetje energie over beginnen te hebben, komt er weer iets. Iets stoms, vervelends, of lastigs. Waar we dan van kopje onder raken. Sommige golven zouden we normaal gesproken makkelijk boven blijven maar, nu we gewoon niets over hebben, overspoelen ze ons volledig. Andere golven zouden altijd intensief zijn, in welke toestand ook. ’t Zal wel zo blijven gaan.

We zitten nu alweer een paar dagen op een lekkere golf. Ik geniet ervan. Vrolijk pasen 🙂

4 maanden

4 maanden

Vandaag is het 4 maanden geleden dat Tieme geboren werd.

Toen Lumen 4 maanden was, gingen we voor het eerst met haar op vakantie. We hadden het heerlijk. Ze begon wat te rollen. We genoten 200% van ons lieve kleine baby’tje. En van op vakantie zijn als gezinnetje.

Ik zie er vandaag tegenop haar naar school te brengen. Ik heb zo genoten van de mamadagen van voordat ze naar school ging. Die helemaal vrije dagen, waarop ze de hele dag bij me was. We kuierden de dag door. Deden een boodschapje. Ze was gezellig bij me op zolder, als ik de was deed.

Wat is er toch een hoop te missen nu ons lieve baby-zoontje dood is. Die eerste vakantie. Die mamadagen, waar ik zo ontzettend naar uit keek. Zucht. Ik mis je, Tieme.

De afgelopen maand voelde nog steeds als heel heftig en druk. Ik maakte een start met therapie. Nog niet zo succesvol, ik heb niet zo’n goeie klik met mijn psychologe. Dus ik weet het nog niet zo. Maar ik heb ook weinig trek in nieuwe zoeken – weer 3-4 maanden wachtlijst – weer het hele verhaal opnieuw doen. Matige situatie.

Verder gingen we nog twee keer terug naar het Erasmus voor nagesprekken en nacontroles. Beide keren weer heftig: om terug te zijn op de plek waar we ons zoontje verloren. Maar ook omdat er toch weer nieuwe apen uit mouwen kwamen. Gelukkig waren de bloeduitslagen allemaal goed, en hoef ik nu pas in november weer terug. En met de dagelijkse dingen erbij was het dus weer een volle maand.

Ik voel me verdoofd. De dagen gaan voorbij. Ik doe elke dag wel wat. Maar niets is echt leuk, en het is al snel te veel. Ik probeer elke dag te voelen wat ik nodig heb. Waar ik behoefte aan heb. Zoals Alana me geleerd heeft. De zon schijnt af en toe. Dat is fijn. Op naar de volgende maand.

3 maanden

3 maanden

Gisteren was het 3 maanden geleden. 3 maanden geleden werd Tieme geboren. 3 maanden geleden werd eindelijk duidelijk wat de uitkomst zou zijn van onze enorme achtbaan van 2,5e maand. Hij overleefde de bevalling niet. We moesten echt afscheid gaan nemen van ons zoontje.

Dit was eigenlijk de eerste maand dat ik er bewust bij stil stond. Met 1 maand was ik nog zo moe en slap. De dagen regen zich aaneen in één lange overlevingstocht vol verdriet en slaap. De 2 maanden viel in de eerste week na de kerstvakantie. In de week waarin ik voor het eerst Lumen weer naar school bracht, voor het eerst weer naar yoga ging, waarin ik het eerste ‘kraam’bezoek ontving. Een volle week, waarin de 10e ongemerkt voorbij ging.

En nu is het dus alweer 3 maanden geleden. De avond ervoor dacht ik er al aan: “nu begonnen de weeën, morgenochtend werd Tieme geboren”. Gisteren was een fijne dag. ’s Morgens kwam een vriendin die ik nog niet gesproken had koffie drinken. Zij heeft helaas ook verliezen gekend. Dat praat toch fijner. Er is echt verschil tussen mensen die dichtbij een verlies hebben meegemaakt, en mensen die daar nog niet mee te maken hebben gehad. We bekeken de foto’s, lieten samen tranen, en praten bij over de afgelopen hectische periode.

’s Middags was ik moe maar voldaan van de fijne ochtend. Ik las wat op blogs van mede-baby-verloren-mama’s. Ik begon in het boek ‘Sara en Liv’, van een mama die maar liefst twee baby’tjes verloren heeft. Ik luisterde voor het eerst sinds heel lang het liedje wat we met Tieme’s crematie gedraaid hebben.

Het is alweer een kwart jaar geleden. Dat klinkt echt lang. Ik wou dat Tieme een maand oud was. En levend, gezond en wel bij ons was.

De eerste 2,5e maand

De eerste dagen na Tieme’s geboorte voelden als ontzettend druk en vol.

In het ziekenhuis: de deur werd platgelopen door dokters, zusters, maatschappelijk werker, weer andere dokters en zusters. Tussendoor probeerden wij onze familie en vrienden op de hoogte te brengen, de crematie te regelen, en dan ook nog tijd te vinden af en toe met Tieme te zitten. Onze ouders zijn langsgekomen om hun kleinzoon te zien.

Thuisgekomen werd het niet rustiger. We hadden maar twee dagen tot de crematie. Vol met het ontvangen van de kraamverzorgster, verloskundige, begrafenisonderneemster, met het regelen van de crematie, en tussendoor wederom hard knokken om toch minstens 2x per dag Tieme uit het water te halen en te knuffelen. We hadden geen energie om vrienden of familie te zien. Ik was nog hartstikke ziek, en de dagen zaten al zo rammend vol.

Na de crematie waren we helemaal kapot. Ik heb weken in bed gelegen. Ik moest fysiek herstellen, maar ook mentaal wilde ik alleen maar in bed liggen met de dekens over me heen.

We krijgen veel hulp van onze ouders. We hebben namelijk nog een meisje van bijna 5 rondlopen, wat heerlijk energiek is. Hartstikke fijn dus, die hulp. Maar eigenlijk ook te druk voor ons. Te veel input. We zijn allebei heel erg overprikkeld en kunnen weinig aan.

Na een week of 6 ben ik gaan proberen wat kleine dingen op te pakken. De vaatwasser uitpakken. Een wasje doen. Kleine blokjes lopen om het huis.

Dan is het kerstvakantie. Omdat ik inmiddels weer wat meer kan, komt niet alles meer op mijn man neer, en redden we het eindelijk met z’n drietjes. We genieten van elkaar. We zijn verdrietig. We zeggen alle plannen met familie en vrienden af. Te druk. Te moeilijk.

Na kerst voel ik me fysiek best weer goed. Ik probeer weer wat meer te doen: dochter naar school brengen, naar yoga. Af en toe afspreken met mensen. Dat lukt. Maar het houdt niet over. Het is al snel te veel.

In de derde week van januari is onze dochter jarig. We vieren het klein. We hebben een fijne dag. We zijn zo ontzettend blij met haar! Dus we doen er alles aan om dit een fijne dag te laten zijn. Tegelijk is het ook weer een moeilijke dag. Het is namelijk mijn uitgerekende datum van Tieme.

En nu is het alweer eind januari. Het is fijn om weer wat te kunnen. Zolang ik maar niet te veel doe en wil. Voldoende tijd plan om bij te komen. Om mindere dagen te kunnen hebben. Dit is blijkbaar wat nu nodig is. Dus laten we dat dan maar doen.