Over een roze muur en afscheid nemen

Afscheid nemen gaat in stapjes. We verfden de muur van mijn dochtertjes kamer roze. Voor mij ook weer afscheid nemen van een stukje Tieme.

Afscheid nemen gaat in stukjes

We verfden de muur van mijn dochtertjes kamer roze. Heel leuk om samen te doen in de meivakantie. Daarnaast voor mij ook weer afscheid nemen van een stukje Tieme.

Het kamertje

Vanaf onze verbouwing 4 jaar terug hebben we een klein kamertje. Het is ongeveer 2x3m. Perfect als babykamertje: er past precies een ledikant, commode en klerenkast in. Lumen slaapt hier vanaf die verbouwing, ze was toen anderhalf. Inmiddels slaapt ze allang in een groot bed, en heeft ze ook geen commode meer nodig. Dat grote bed past ook net, veel speelruimte is er niet over.

Toen ik zwanger bleek van Tieme hebben we een van onze zolderkamers omgetoverd tot ‘grote meiden kamer’ voor Lumen. We ruimden hem uit, ik schilderde een kastje en een lamp, we kochten een kleerkast en wat moois voor aan de muur. In een paar weekenden maakten we er een prachtige kamer van, VT Wonen-waardig.

Dat deden we allemaal vóór de 20 weken echo. Aan de vroege kant. Maar toen ik tijdens Lumen’s zwangerschap met 28w zulke bekkenklachten kreeg dat ik alleen nog kon liggen, vond ik het vre-se-lijk dat de babykamer nog niet af was. Dat die helemaal gemaakt moest worden door mijn man en onze familie, terwijl ik vanaf de bank lag te ‘commanderen’ hoe ik het wilde hebben. Oh ja, en de babyuitzet bestelde ik allemaal online, schuin, liggend. Heel oncomfortabel. Maar vooral gewoon heel rottig dat ik het niet op een fijne manier bij elkaar kon regelen.

Dat zou me deze keer niet gebeuren. Toen we eenmaal de 13w voorbij waren, wilde ik het allemaal zo snel mogelijk klaar hebben. Zodat ik met een gerust hart om kon vallen, mocht dat nodig zijn. Zelfs als dat al eerder zou gebeuren dan bij die 28w in Lumen’s zwangerschap.

Grote meiden kamer

Dus we maakten Lumen’s grote meiden kamer klaar. Ze vond het prachtig. Ze verhuisde vast naar boven. Het wennen ging heel soepel, na een paar nachten sliep ze net zo goed als in haar oude kamertje.

Het kleine kamertje bleef leeg achter. Daar hoefde niet veel aan te gebeuren. Het ledikant stond er, nog uit elkaar. En alle boxen met kleertjes stonden netjes opgestapeld in de kleerkast.

Het is me nog wel door m’n hoofd geschoten. Zijn we niet te voorbarig? We hebben de 20w echo nog niet gehad. Maar ik heb die gedachte snel weggestopt: natuurlijk gaat alles goed. Het gaat bij bijna iedereen altijd goed. En als ik het op tijd af wil hebben, kan ik niet wachten tot na die echo. Dus: niet meer over nadenken, het komt allemaal goed.

Een lege kamer

Het kwam niet goed. Tieme ging dood. In de 2,5e maand die we in onzekerheid zaten, liep ik telkens met een zwaar hart langs dat kamertje. Zou er straks een klein jongetje in liggen? Of zou het kamertje leeg blijven?

Tieme werd geboren, dood. In de dagen na zijn overlijden werd Lumen soms huilend wakker. En al een paar dagen na zijn dood zij ze ineens, zichzelf wakker gehuild, nog half slapend: ik mis mijn oude kamer. Ik wil weer in mijn oude kamer slapen.

Toen mijn man en ik bespraken wat we daarvan vonden, bleek dat het ons beiden ook al door het hoofd geschoten was. Het kleine kamertje is pal naast onze slaapkamer, op zolder ligt ze een stuk verder weg. En op zolder moet ze een trap af als ze moet plassen. Eigenlijk ook veel praktischer als ze gewoon weer naast ons komt slapen. Dat kamertje staat toch leeg.

Dus we verhuisden haar weer terug. Een paar dagen na Tieme’s crematie tilde mijn man samen met de buurman haar bed weer een verdieping omlaag. We brachten alle boxen met babykleertjes naar een goed doel, zodat de klerenkast weer leeg was voor haar kleren.

Ik dacht nog heel naïef: zo, dan blijft dat kamertje tenminste niet leeg, opgelost. Want dat kamertje deed sinds de 20w echo steeds pijn. Als ik erlangs liep. Als ik erin keek. Maar dat ging natuurlijk niet zo makkelijk: er staat alsnog een kamer leeg nu. Maar dan op zolder. Een andere kamer, dezelfde pijn.

Roze muur

Dus ons meiske slaapt weer in haar ‘oude’ kamertje. Ze heeft nu twee kamers: een slaapkamer en op zolder een speelkamer. Lekker decadent. Niet dat zij of wij dat ooit gewild hebben. Ook dit is zoals het is.

Ik vind het vreselijk dat haar broertje dood is. Maar dit is nu de situatie. Zoals het nu is, slaapt ze weer in het kamertje naast ons. En zal ze dat waarschijnlijk nog wel een hele tijd blijven doen.

De muur in het kleine kamertje maakten we met de verbouwing een prachtige kleur groen-blauw-grijs. Ik vond de kleur zó mooi dat de muur ook voor Tieme die kleur wilde laten.

Ik merkte dat ik me er de laatste tijd niet goed bij voelde dat Lumen ‘op dat babykamertje’ sliep. Dat ze soort van terugverhuisd was in de oude situatie. Het voelde alsof ze in Tieme’s kamer sliep, of in haar oude kamer, maar in ieder geval niet alsof het een fijne slaapkamer voor haar was.

Dus ik bedacht dat het een goed idee was om daar iets aan te doen.

Lumen is helemaal gek van roze. Dat krijg je denk ik als je moeder je de eerste 4 jaar van je leven nooit roze aantrok 😉 Maar inmiddels heeft ze een mening over haar kleren en schoenen. En weet ik dat ik hoe dan ook goed zit als er roze, paars, glitters of een hartje in zit. Dus ga ik voor safe en koop roze crocs, een roze tandenborstel, roze teva’s, een jas met roze en paarse hartjes, enzovoort enzovoort.

Het leek me het beste om haar kamer echt de hare maken door die muur over te schilderen. Roze natuurlijk.

Afscheid nemen

We schilderden de muur samen. Ze vond het fantastisch dat ze bootjes, hartjes en een leeuw op de muur mocht schilderen. Ze was diep teleurgesteld toen ze ontdekte dat deze uiteindelijk overgeschilderd gingen worden en dus verdwenen. Maar na die hobbel hebben we heerlijk samen geverfd. Genieten hoor, dat lieve en leuke dametje van ons!

En ik nam van weer een stukje Tieme afscheid. Ik zei gedag tegen die prachtige kleur, die niet had misstaan op de babykamer voor ons kleine mannetje.

Zo gaat het afscheid nemen in honderdduizend kleine stapjes. Ik nam al afscheid van zijn babykleertjes. Want de ene helft was van zijn neef geweest, die inmiddels bijna 9 is. En de andere helft van Lumen, die ook al 5 is. Mocht er ooit nog een kindje komen, dan leek het me niet handig om al deze kleertjes nog langer bewaard te hebben. En vooral: alle babyzooi stond me in de weg. De afgelopen jaren al. Telkens als ik het tegenkwam, wat vaak is omdat babyzooi nou eenmaal massief is en veel ruimte inneemt, voelde ik een steek van pijn. En nu helemaal. Dus ik wil het allemaal weg hebben. Omdat in dit geval ‘uit het oog, uit het hart’ zeker niet alle pijn, verdriet en gemis wegneemt. Maar ergens toch wel een klein beetje helpt om de confrontatie er iets minder vaak te laten zijn. Ik nam afscheid van mijn zwangerschapskleren. En nu dus van zijn babykamertje, en zijn muur.

Het afscheid nemen gebeurt in mijn hart. En daarnaast ook letterlijk, met al die fysieke dingen waar we gedag tegen zeggen. Ik zal de komende tijd nog afscheid gaan nemen van onze traphekjes. Die we er eigenlijk vorig jaar af wilden halen, maar die we lieten hangen omdat ik ineens zwanger bleek. Afscheid nemen van de box, van de hangwieg, van de fietsstoeltjes.

Aanpassen aan de wereld na verlies

Eén van de rouwtaken die rouwdeskundige Manu Keirse in zijn prachtige boek Helpen bij verlies en verdriet beschrijft, is het aanpassen aan de wereld na verlies. Dit vergt aanpassingen op drie verschillende gebieden:

  1. Extern: Hoe het verlies je dagelijks leven in de wereld verandert. Letterlijk je leven, en je huis, inrichten zodat het geschikt is verder te leven zonder degene die je verloren bent
  2. Intern: Hoe het verlies je zelfgevoel bepaalt
  3. Spiritueel: hoe je geloof in het leven en de toekomst, je waarden en je veronderstellingen in vraag worden gesteld

Door de muur van het kamertje roze te verven, heb ik geprobeerd dat kamertje weer echt van Lumen te maken. Omdat dat nu de situatie is. Het was een klein stukje van alle externe aanpassingen die we doen om onze wereld aan te passen na het verlies van Tieme. Dag lief mannetje.

De nieuwe, frisse muur staat prachtig. Lumen is er blij mee. En voor mij voelt het nu weer een beetje meer als Lumen’s kamer. Ik hoop dat ze er nog heel lang heel lekker mag slapen.

Lumen en Tieme

Lumen en Tieme

Over blauwe plekken gesproken. Alleen al dit zo op mogen schrijven hier. De namen van mijn twee kinderen. Namen die ik hoopte onder duizenden kaarten te mogen schrijven, en in vele formulieren in te mogen vullen. Voor ouders van levende kinderen iets wat ze regelmatig doen. Maar iets wat voor mij zelden of nooit voorkomt. Au.

Heftig

Ook voor ons meiske is het heel heftig geweest. Eerst horen dat haar lang gekoesterde wens uit zou komen. Een zusje was wel beter geweest vond ze. Maar na even wennen was een broertje ook best tof.

Dan ineens het bericht dat het niet goed gaat met het broertje. Dat hij niet goed groeit. ‘Maar dan moet jij gewoon meer eten, mama’. ‘Dat helpt niets, lieverd. Jammer hè…’.

Twee weken later: ‘Lieverdje, de dokter denkt dat het echt niet goed gaat met je broertje. Dat hij binnenkort dood gaat in mijn buik’.

Verdriet. Geen idee hebben wat dood eigenlijk betekent. Het superknap in de kring vertellen op school. En ondertussen steeds maar weer een papa en mama die naar het ziekenhuis gaan. Die gespannen zijn, en verdrietig. Opa en oma’s die op komen passen. 

Weten dat je elk moment van school gehaald kan worden door iemand anders dan je verwacht. Je logeerkoffertje staat gepakt.

Toch niet?

Broertje gaat niet dood. Ziekenhuisbezoeken gaan door. Papa en mama op hun tandvlees. Logeerkoffertje raakt langzaam uitgepakt. Want wekenlang een koffertje klaar hebben staan zonder er iets uit te pakken is best moeilijk.

Net als je denkt: het zal misschien wel meevallen. Broertje gaat al weken niet dood, ook al zeggen papa, mama en de dokters het. Net dan, word je na een lange dag op school ineens opgehaald door de papa van je twee vriendinnetjes. Mag daar eten. Daarna ga je met opa en oma mee om te logeren. Mama en papa moeten in het ziekenhuis blijven. Éen nachtje. Twee nachtjes. Drie nachtjes.

Dood broertje

Dan bellen papa en mama vanuit het ziekenhuis. ‘Je broertje is geboren. En hij is dood, lieverdje….’.

Diezelfde dag kom je naar het ziekenhuis. Kennis maken met je broertje. Je ziet een dood baby’tje. Gelukkig is de fotografe er ook, die zowel jou als ons op ons gemak weet te stellen, en ons laat zien hoe fijn we alsnog ons jongetje kunnen vastpakken en knuffelen. Daarna weer mee terug met opa en oma.

Na nog een paar nachtjes mag mama eindelijk naar huis. En jij dus gelukkig ook. Fijn om thuis te zijn. Maar wat zijn we verdrietig. We eten met z’n 4en pizza op de bank. Raar dat één van die vier niets eet. Koud is. En stil.

De dood

De crematie. Alle grote mensen om je heen huilen de ogen uit hun hoofd. Iedereen die normaal jouw veilige haven is, is zo ontzettend verdrietig. Je kijkt er met grote ogen naar. Probeert ons te troosten.

De dood. Iets waarmee de meeste mensen pas veel later in aanraking komen. En waarmee de meesten mogen oefenen bij een opa of oma. In ieder geval bij iemand die ruim ouder is dan jij, bij iemand die eerder dood hoort te gaan dan jij.

Niet voor jou. Op 4-jarige leeftijd komt de dood al in je gezin. Bij je kleine broertje. Maak je een crematie mee. En onvoorstelbaar veel verdriet, bij alle mensen die jouw veilige wereld vormen.

We vertellen je dat Tieme een ster geworden is. Dat zijn lijfje dan wel “in de oven” gegaan is, maar dat zijn zieltje, zijn geestje (tja, dit concept blijft moeilijk uitleggen) een ster is geworden. Dat hij zo toch nog bij ons is, en dat we ‘m in de nacht kunnen zien.

Daarna

In de weken daarna zijn papa en mama uitgeput. Je gaat naar school. Je speelt bij vriendjes en vriendinnetjes. Nog even niet bij jou thuis, dat is nog te druk voor mama en papa. We vieren samen kerst. Nou ja, niet helemaal samen. We missen Tieme.

We vieren je verjaardag. We maken er het beste van. Je hebt het leuk. Tijdens het eten ben je ineens verdrietig. Je mist Tieme.

Je loopt regelmatig naar het raam wanneer het donker is. Kijken of je Tieme kan zien.

We vieren je eerste kinderfeestje. Heerlijke dag met veel zon, en dat begin februari. Je geniet. En wij genieten met je mee.

Moe

Je hebt voorjaarsvakantie. Voor papa en mama nog steeds aanpoten, zoals ik eerder hier schreef. Voor jou hard nodig. Je bent hartstikke moe. Ook na die week zeggen je vader en ik tegen elkaar: ze is nog steeds heel moe. Wat wil je, met zo’n gekke en verdrietige periode achter de rug.

Corona

En nu is er corona. Waardoor je wekenlang thuis bent. Je gaat hier naar de thuisschool, die je de ‘Eenhoornschool’ gedoopt hebt. Je doet werkjes, en hebt de ochtenden juf mama en de middagen meester papa, of andersom.

En je denkt ontzettend veel aan Tieme.

’s Nachts ben je wakker. We doen wat we dan vaker doen: we spreken een plek af waar we allebei naartoe zullen gaan in onze dromen, zodat we elkaar daar zien. Meestal spreken we in de speeltuin af ofzo. Nu: “We gaan naar het raket, mam! Om dan samen naar Tieme te gaan!”.

Pap vindt een wimper op je wang. Hij legt uit dat je hem weg mag blazen, en dan een wens mag doen. Je blaast je wimper weg, en wenst een broertje.

We hebben het over de baard in de keel. Papa legt uit wat dat is, en dat jongetjes dat op een gegeven moment krijgen. “Zou Tieme dat ook krijgen?” vraag je. Het is even stil. Misschien realiseer je je ineens dat Tieme nooit groter wordt. “Daarboven? In de hemel?” voeg je eraan toe.

Je bent ontzettend veel met je broertje bezig. Je tekent hem, als ster. Ook al zijn sterren ECHT heel moeilijk om te tekenen. Je praat over hem. Je bent verdrietig om hem.

In normale schoolweken heb je 2 lange dagen. Van de drie middagen dat je om 14u klaar bent op school, heb je één middag zwemles. De andere twee middagen speel je het liefst met vriendjes of vriendinnetjes. Hartstikke druk dus.

Ik hoop dat deze surrealistische corona periode je rust brengt, lief meiske van me. En stukjes verwerking. Tieme en de hele situatie om hem heen komen nu soms wel 10 keer voorbij op een dag. Blijkbaar heb je daar nu de rust en de ruimte voor. Misschien was dit wel precies wat je nodig had.