Bont en blauw (1/2)

Magnolia

Dit is deel 1 van de serie ‘Dóór het verdriet’. Daar ga ik dan.

Ik voel me bont en blauw geslagen door het leven. Fysiek, en mentaal. In dit blog het fysieke deel. Het mentale deel komt in het volgende.

Miskramen

In de laatste 6,5 jaar ben ik 6 keer zwanger geweest. Vier van deze zwangerschappen eindigden in een miskraam. Twee keer vrij vroeg, één keer in een dramatische miskraam die startte op 9,5e week en uiteindelijk een maand duurde, één keer met elf weken.

Elke keer is mijn lijf zwanger geweest. Werden vanaf het begin de zwangerschapshormonen aangemaakt. En elke keer moest mijn lijf daar weer van herstellen. De boel op orde brengen. De hormonen mijn lijf uit. De conditie weer opbouwen.

Au.

Zwangerschap van Tieme

De laatste weken van mijn zwangerschap van Tieme waren fysiek ontzaglijk zwaar. Ik had heel veel rugpijn. Iets in mijn rug verrekt tijdens een zwangerschapsmassage op zo’n tafel met een gat erin. Dit lost je lijf normaal natuurlijk gewoon op, maar dat kreeg mijn lijf niet meer voor elkaar. Ik denk door de zwangerschap, de stress, de spanning en het verdriet. Hoe dan ook, ik heb 5 weken lang heel erg veel pijn gehad.

Ik slikte de maximaal toegestane hoeveelheid paracetamol: 4x per dag 2 stuks. Dat betekende dat ik elke 6 uur een nieuwe dosis mocht. Na zo’n dosis ging het de eerste 2 uur redelijk. Maar daarna was het puur afzien. Ik kon niet goed zitten, liggen of staan. Dus ik wisselde alles maar af. Ging ’s avonds verplicht een stukje buiten lopen, zodat ik nog even bewogen had voordat ik de avond en nacht in ging. Kreeg het dan voor elkaar om een uur op de bank tv te kijken, voordat ik het niet meer hield van de pijn. Dus maar naar bed, in de hoop in slaap te vallen. Slapen lukte steeds maar uurtjes, en alleen op een bank, zodat ik half tegen de achterleuning aan kon hangen. En dus elk uur wakker, pijn, omdraaien en hopen dat ik weer een uur verder kon slapen.

De fysio kon er niets mee, maakte het alleen maar erger door de boel even los te willen maken. Na die paar dagen extra pijn dus maar geen fysiobehandelingen meer gedaan. De huisarts schreef me een slaapmiddel voor. Zo eentje die gevaarlijk is voor je ongeboren kindje, dus ik mocht het maximaal 1 nacht nemen en dan minimaal 2 nachten niet. Voelt niet heel lekker om dat te nemen, kan ik je vertellen. Wel geprobeerd, maar ik sliep er de eerste 3u op door en daarna niet anders dan zonder. Dus ook maar mee gestopt, het bracht me te weinig in verhouding tot de risico’s die het voor Tieme had.

Au. Wat heb ik ontzettend veel pijn gehad.

En wat was het zwaar om dat te hebben, gecombineerd met de immense mentale uitdagingen die we te verduren kregen: de angst dat het mis zou gaan met ons jongetje. Dagelijks voelen of hij nog leefde. De moeilijke beslissingen die we moesten nemen over zijn leven en zijn dood, waarbij we volstrekt niet alle info wisten, dus steeds 100% moesten besluiten met maar 50% van de informatie (om de woorden van onze meneer Rutte maar eens te gebruiken). Dat is heel erg pittig, als het gaat over het leven en dood van je eigen kindje.

En gecombineerd met de praktische zaken: zorgen dat we thuis allemaal gegeten, gewassen en aangekleed waren. Zorgen dat onze dochter van en naar school ging. Haar begeleiden in deze onzekere tijd, waarin ze het door haar zo gewenste broertje mogelijk ging verliezen. 1 tot 2 ziekenhuisbezoeken per week. Steeds oppas regelen voor onze dochter. Nadenken over het waarschijnlijk naderende afscheid.

De bevalling

Toen werd ik hartstikke ziek. Kreeg ernstige pre-eclampsie, met nier- en leverfunctiestoornissen en hard stukgaande bloedplaatjes. In de volksmond heet dit zwangerschapsvergiftiging met HELLP syndroom. Dat betekende dat ik zodra ik buiten gevaar was zou moeten bevallen. Bij alle scenario’s en keuzes die we hadden moeten maken, was dit een mogelijkheid waar we niet over nagedacht hadden. Maar die bevalling moest starten, volgens de artsen liever vandaag dan morgen.

Ik kreeg een medicijn-cocktail van jewelste om de bloeddruk omlaag te brengen. Wat de eerste paar uur niet lukte, waardoor de hoeveelheid medicatie maar opgeschroefd bleef worden. Ik werd ook heel misselijk, waardoor ik geen eten binnen hield. Maar aangezien ik ergens de komende dagen zou moeten bevallen, en dus niet nòg zwakker moest worden, was dat ook vrij problematisch. Dus kreeg ik anti-misselijkheidsmedicatie. Twee verschillende soorten om precies te zijn, want beiden waren zo sterk dat ik ze maar maximaal 2x per 2u mocht. Dus maar 2 soorten door elkaar mixen (?!). En tijdens de bevalling, die verder gelukkig natuurlijk en zonder complicaties verliep, kreeg ik morfine.

Au. Wat heeft mijn lijf een hoop te verduren gehad. Dagenlang een extreem hoge bloeddruk. Ernstige pre-eclampsie. Nierfunctiestoornissen. Leverfunctiestoornissen. Allerlei andere dingen die op het randje raakten, zoals bloedplaatjes. Alle medicatie-troep. Bevallen. Au. Arm lijf.

Knie

Nou had ik dus 8 jaar geleden al een ski-ongeval gehad, waarbij mijn knie ontzettend stuk is gegaan. Binnenband ingescheurd, buitenband ingescheurd, voorste kruisband afgescheurd, en meniscus zo erg beschadigd dat ze meer dan de helft ervan hebben moeten weghalen. Naast dit alles kon ik mijn knie niet meer buigen. Ik moest een kruisbandreconstructie, maar voordat dat kon moest ik eerst mijn knie weer kunnen buigen. Dat koste 6 maanden aan mobilisatie-oefeningen, wat een ander woord is voor ontzettend pijnlijke k*t-oefeningen. Na die 6 maanden kreeg ik dan toch eindelijk die kruisbandreconstructie. Normale revalidatietermijn van die operatie is al 9 maanden, maar iedereen die weleens langere tijd haar been of arm niet gebruikt heeft, weet hoe snel die spieren weg zijn. Je kan na 2-3 weken al nauwelijks meer lopen of iets vastpakken, en moet dat helemaal terug trainen. Bij mij duurde de revalidatie dus 1,5 jaar. In totaal 2 jaar bezig geweest.

Au. Wat een impact heeft dat stukje blauwe piste gehad.

Bekkenklachten

Toen ik 29 weken zwanger was van Lumen kreeg ik ontzettende bekkenklachten. Mogelijk door die knie: mijn benen hebben sinds het ongeval een andere stand, dus ik sta altijd een beetje scheef. Ik denk zelf dat mijn lijf dat normaal gezien redelijk aan kan, maar in die zwangerschap, met extra kilo’s en slapper wordende banden en pezen, niet meer. Ik kon niet meer zitten en lopen. Ik heb de laatste 11 weken van de zwangerschap plat gelegen. Ergens in die periode, of tijdens de bevalling, heb ik een zogenaamde ‘gekneusde stuit’ opgelopen. Zitten bleef ook na de bevalling heel veel pijn doen. Ik probeerde het op te bouwen. Maar na een jaar kon ik nog steeds maar maximaal een half uur achter elkaar zitten. Met pijn. En pijn kost energie. Dus echt heel zwaar. En ook heel onhandig dat ik een zittend beroep heb. Dus heel lang heel beperkt was in werken.

Toen ik zwanger was van Tieme, kreeg ik na 12 weken alweer last van bekkenklachten. Echt heel vroeg in de zwangerschap. Daar schrok ik me natuurlijk een hoedje van. Ik was heel erg bang dat ik niet de laatste 11 weken, maar misschien wel de laatste 5 maanden plat zou moeten liggen. Tja, daar was ik toen nog bang voor. Nu zou ik wat geven voor dat scenario, als er dan een gezond en levend jongetje geboren was.

Ik ben toen op advies van de bekkenfysio halve dagen gaan werken. Dat lukte soort van. Maar dat bekken blijft een zwak punt. Vanaf de 20w echo heb ik nauwelijks meer gewerkt. Dat reden daarvoor is natuurlijk immens verdrietig. Maar het had wel een gunstig effect op mijn bekkenklachten. Als ik niet werk, zit ik ook maar weinig op een dag. Eigenlijk alleen 3 keer per dag, tijdens het eten. Verder rommel ik rond, hang of vouw ik een wasje, doe wat klusjes, en tussendoor rust ik uit op de bank, liggend. En ’s avonds op de bank tv kijken doe ik als sinds Lumen’s zwangerschap liggend. De bekkenklachten verergerden dus niet. En werden zelfs minder. Maar goed, wel weer zwanger geweest. Dus banden en pezen slapper. Ook dat moet weer herstellen.

Au.

Het herstel

Na de geboorte van Tieme was ik natuurlijk ontzettend moe en ziek van de pre-eclampsie. En daarbovenop het verdriet. Ik heb wekenlang alleen maar in bed gelegen. Ik kon niets anders. En wilde dat ook niet. Het liefst de deken over me heen, om de wereld waarin ik nu leefde buiten te sluiten.

Na een week of 4 begon ik met in huis rond rommelen: vaatwassertje uitpakken, wasje ophangen. En met een blokje om het huis lopen. Na een week of 6 zat ik voor het eerst weer op de fiets. Ik had nog vrij zware bloeddrukmedicatie, 4 pillen per dag. Die moest ik afbouwen, maar ook dat trok een aardige wissel op mijn lijf: elke 2 weken mocht er een pil af als de bloeddruk goed was. Met één pil minder ging de bloeddruk steeds weer omhoog, en dat moet je lijf dan weer zien te reguleren. Dat kostte steeds een paar dagen. Hoofdpijn, en nog wat meer vermoeidheid dan normaal. En dat 5 keer, want de laatste pil moest eerst nog met een halve afgebouwd worden. Al met al koste dit 2,5 maand, maar gelukkig ben ik sinds januari van de medicatie-troep af. En de bloeddruk blijft netjes, wat ook echt fijn is, bij sommige vrouwen blijft na pre-eclampsie de bloeddruk te hoog.

Eind januari ging ik ook voor het eerst weer naar yoga. Ik was natuurlijk stram en stijf, maar verder was het heerlijk om weer te bewegen, en om even uit huis te zijn zonder ‘praat- of vertelverplichting’.

Ik ben ook sinds januari aan het opletten, om weer op mijn normale gewicht te komen. Ik ben er nog niet, maar val zo’n halve kilo per week af, dus daar ben ik zeker niet ontevreden over.

En ik ben vorige week begonnen met een lesje in de sportschool. Ik vind sportscholen stom. Maar ik wil wel wat meer conditie- en spiertraining gaan doen. En aangezien ik met mijn knie niet meer pijnvrij kan rennen, vallen zo’n beetje alle opties buiten de sportschool af. Dus ik ga er toch aan.

Het lesje ging me fysiek prima af. Maar er stond muziek op, wat mijn input-emmer weer aardig snel deed vol lopen. Ach, wegens de corona kan dat de komende periode toch niet. En daarna ga ik het eens proberen met oordoppen in. Al moet ik de juf wel kunnen verstaan natuurlijk, want de oefeningen vond ik niet heel vanzelfsprekend 😉

Ik ben nu vooral nog erg moe. En ik kan slecht tegen input, veel geluid om me heen, drukte. De dokters zeggen dat dit allemaal nawerkingen zijn van de pre-eclampsie. De gemiddelde hersteltijd is een jaar. Het zou mooi zijn als ik aan de goede kant van dat gemiddelde uitkom.

Al denk dat het ook minstens net zo hard door het verdriet komt. En door de opstapeling van dingen de afgelopen jaren.

Risicogroepen

Wat ik heel heftig vind aan dit alles, is dat ik inmiddels in allerlei risicogroepen val. Door de pre-eclampsie heb ik 7-8 keer meer kans op hart- en vaatziekten. Dat betekent de rest van mijn leven jaarlijkse checkups. Nu nog in het ziekenhuis, op termijn waarschijnlijk bij de huisarts. En dit is ook een van de redenen dat ik naar dat sportschoollesje ben gegaan. Fitheid helpt in het voorkomen van al die ellende.

Mijn knie doet het nu weer aardig, maar aangezien veel dagelijkse dingen zoals traplopen pijn doen, ben ik bang dat hij een stuk sneller zal slijten dan een gezonde knie. En dat ik dan ooit een nieuwe knie moet. Zo’n kunstknie gaat momenteel zo’n 15 jaar mee. Dus ben ik bang dat ik daarna in een rolstoel terecht kom. Ik ben al een tijd van plan terug te gaan naar de fysio die me toen heeft helpen revalideren, voor een setje spierversterkende oefeningen. Om maar te zorgen dat die knie het zo lang mogelijk uithoudt.  Dit bedacht ik me ongeveer een jaar terug, toen mijn knie door een gekke beweging weer eens een paar dagen überhaupt met elke stap pijn deed. Alleen kwam het er tot nu toe niet van, door alles wat er gebeurde. En voor nu vind ik de bezoeken aan de psycholoog, bedrijfsarts en ziekenhuis wel even voldoende. Maar wanneer daar op een gegeven moment weer ruimte voor komt, ga ik dat doen.

Dan nog de dingen die zijn ontdekt in het onderzoek naar mijn miskramen: ik heb vrij grote vleesbomen in mijn baarmoeder. Die kunnen op zich geen kwaad, maar kunnen kwaadaardig worden. De gynaecoloog wil ze minstens eens per jaar monitoren, liefst halfjaarlijks.

En ik heb schildklier antistoffen. De medische wereld doet daar vrij makkelijk over. Het kan een voorloper zijn van een slecht functionerende schildklier. Dus wederom iets wat jaarlijks gecheckt moet worden. Maar verder kunnen en doen ze er niets mee. Ik sta zelf wat holostischer in het leven: iets in mijn lijf vindt dat het antistoffen moet aanmaken tegen mijn eigen lijf. Dat kan niet de bedoeling zijn, en vind ik gewoon ook geen tof gevoel. Ik wil daarom, ook wanneer daar ooit weer ruimte voor komt, naar een acupuncturist. Kijken of die hier wat mee kan. En meer in het algemeen: of die me kan helpen de energieblokkades van het verdriet, en de stress en de fysieke traumas die zich ongetwijfeld opgehoopt hebben in mijn lijf de afgelopen jaren, kan helpen oplossen. En de balans in mijn lijf zo goed mogelijk herstellen.

Werk aan de winkel

Tja. Dat is dus wat ik bedoel met dat ik me fysiek bont en blauw geslagen voel.

Een hoop werk aan de winkel. Waarbij mijn grootste valkuil is alles het liefst tegelijk te willen. Maar dat lukt niet. Niet als je in je normale doen bent, als je geen grote dingen hebt, maar je gewone leventje lijdt met gezin, werk, hobby’s, sociale gezelligheid. En al helemaal niet nu, in deze periode van rouw, verdriet en herstel.

Dus ook hier weer: stap voor stap. Het wordt een meerjarenplan. En dat is oké. Op naar een zo gezond mogelijk lijf.

PS: Bovenstaande foto nam ik twee weken geleden. Toen de wereld nog niet plat lag door corona, en ik mijn dochtertje op de fiets naar school bracht. Ik fietste langs deze magnolia. En besloot toen ik er al voorbij was alsnog af te stappen om er een foto van te maken. Tè mooi om dat niet te doen. Een heel ander bont en blauw 😉

Dóór het verdriet

Let it all just rain on me

Ik lees op verschillende plekken over rouw dat verdriet niet weggaat als je je ervan af keert. Dat verdriet alleen minder, of draaglijker, wordt als je het toelaat. Het verdriet echt doorvoelt. In steeds iets andere woorden, maar ik kom het telkens opnieuw tegen: alleen als je verdriet de ruimte geeft, als je dóór je verdriet heen gaat in plaats van er omheen, wordt het ooit beter te hanteren.

En laat dat nou volledig de tegengestelde reactie zijn van mijn (en ik denk van vele mensen met mij) natuurlijk reactie. Als er iets naars gebeurt, wil ik zo snel mogelijk weer verder. Opstaan en weer doorgaan. Want het is wel heel naar, maar er is ook zoveel goeds om dankbaar voor te zijn. Tja, op zich een zegen om met een positieve mindset geboren te zijn. Maar op verdrietige momenten niet altijd even handig 😉

Het is natuurlijk ook gewoon fijner om blij te zijn dan verdrietig. Dus focus ik me het liefst op de dingen waar ik blij van word. En vergeet ik het verdrietige liefst zo snel mogelijk. Het is echt geen bewuste keuze, en het is ook geen prestatie om maar weer zo snel mogelijk ‘normaal’ mee te kunnen draaien. Het is eerder een basisreactie.

Tieme’s dood heeft me nu echter op een punt gebracht dat dat niet meer werkt. De grond is totaal onder me vandaan geslagen, ik ben volledig onderuit geschoffeld. Door zijn dood. Maar ook door alle gebeurtenissen in de jaren ervoor. Het voelt als een opstapeling, die nu zo hoog is geworden dat alles omgeknikkerd is.

Dus daar gaan we dan. Ik ga in de komende blogs aandacht besteden aan een aantal dingen die me verdriet doen. Die zeer doen. Die moeilijk zijn.

Ik merk dat ik me er echt toe moet zetten. Omdat ik moeite heb met het steeds over vervelende dingen te hebben hier op dit blog. Dan wordt voor mijn gevoel een tè negatieve bedoeling. Maar ja, de hele reden dat ik met dit blog gestart ben, is om over mijn rouw en verdriet mijn ei kwijt te kunnen. Dus ik ga proberen me niet teveel aan te trekken van mijn gevoel hier teveel negatiefs neer te zetten. En doen waarom ik gestart ben: van me af schrijven wat me bezig houdt. Of wat nodig is, in deze reis door rouw en verdriet. Hup ik 🙂

Toevoeging mei 2020: alle berichten uit de serie ‘Door het verdriet’ lees je hier.

De foto

De foto van Tieme

Het is gelukt: we hebben een foto van ons lieve mannetje ingelijst in onze woonkamer staan. Dat plan was er al vanaf november. Maar zoals ik al eerder schreef bleek dat nogal een project. Want:

  • Hoe groot moet de foto worden? Eerst wilde ik joekeloekesgroot, maar dat veranderde naar een iets bescheidener formaat
  • Waar dan? Bij de andere foto’s van ons gezin aan de muur, of toch een eigen plekje?
  • En natuurlijk: welke foto dan?

Ook toen bovenstaande vragen beantwoord waren, was ik er nog niet helemaal uit: de eerste fotolijst die ik bestelde bleek alleen te kunnen hangen en niet rechtop te kunnen staan. Van het tweede, kleinere exemplaar bleek het passe partout van een heel andere verhouding dan de foto zelf, waardoor ons mannetje er maar net helemaal op te zien was.

Maar nu staat ‘ie. Prachtig op z’n eigen plekje. Met een kaars ervoor, die hem ’s avonds heel mooi belicht. We zijn er helemaal blij mee.  

4 maanden

4 maanden

Vandaag is het 4 maanden geleden dat Tieme geboren werd.

Toen Lumen 4 maanden was, gingen we voor het eerst met haar op vakantie. We hadden het heerlijk. Ze begon wat te rollen. We genoten 200% van ons lieve kleine baby’tje. En van op vakantie zijn als gezinnetje.

Ik zie er vandaag tegenop haar naar school te brengen. Ik heb zo genoten van de mamadagen van voordat ze naar school ging. Die helemaal vrije dagen, waarop ze de hele dag bij me was. We kuierden de dag door. Deden een boodschapje. Ze was gezellig bij me op zolder, als ik de was deed.

Wat is er toch een hoop te missen nu ons lieve baby-zoontje dood is. Die eerste vakantie. Die mamadagen, waar ik zo ontzettend naar uit keek. Zucht. Ik mis je, Tieme.

De afgelopen maand voelde nog steeds als heel heftig en druk. Ik maakte een start met therapie. Nog niet zo succesvol, ik heb niet zo’n goeie klik met mijn psychologe. Dus ik weet het nog niet zo. Maar ik heb ook weinig trek in nieuwe zoeken – weer 3-4 maanden wachtlijst – weer het hele verhaal opnieuw doen. Matige situatie.

Verder gingen we nog twee keer terug naar het Erasmus voor nagesprekken en nacontroles. Beide keren weer heftig: om terug te zijn op de plek waar we ons zoontje verloren. Maar ook omdat er toch weer nieuwe apen uit mouwen kwamen. Gelukkig waren de bloeduitslagen allemaal goed, en hoef ik nu pas in november weer terug. En met de dagelijkse dingen erbij was het dus weer een volle maand.

Ik voel me verdoofd. De dagen gaan voorbij. Ik doe elke dag wel wat. Maar niets is echt leuk, en het is al snel te veel. Ik probeer elke dag te voelen wat ik nodig heb. Waar ik behoefte aan heb. Zoals Alana me geleerd heeft. De zon schijnt af en toe. Dat is fijn. Op naar de volgende maand.

Niets is leuk

We proberen weer af en toe de buitenwereld in te trekken. Ik kan niet zeggen dat ik er zin in heb. Maar ik zit al zo lang thuis, dat ik er wel een soort van behoefte aan begin te hebben. Het blijkt alleen lang niet mee te vallen.

We kunnen allebei nog niet veel input aan. Het lijkt alsof we een input-emmertje hebben wat na één tot twee uur vol loopt. En dan is het klaar. Eén op één gesprekken of activiteiten gaan inmiddels redelijk. Zo schreef ik hier al dat we met Valentijn lekker samen op date geweest zijn. Uurtje darten, uurtje biertje drinken, naar huis. Kan net.

Input

Met meerdere mensen is het lastiger. We zijn inmiddels ook alweer een keer naar de kroeg geweest met vrienden. We probeerden een rustige locatie te zoeken. Het eerste uur heb ik het fijn. Fijn om wat mensen te zien, fijn om te horen hoe het in de buitenwereld is. Die natuurlijk gewoon doordraait, ook al staat onze wereld al maanden stil. Maar na dat uur is het alsof ik ‘uitcheck’. Het rumoer op de achtergrond klinkt vanaf dan als harde herrie en is ineens ontzettend aanwezig. Ik kan geen gesprekken meer volgen en kan nauwelijks meer praten. Snel naar huis dus.

Feestje

Een tijd geleden kocht een vriend van ons voor een ‘Back to the 90s’ feestje veel kaartjes voor weinig. Ik zou eigenlijk niet meegaan (want ik zou net bevallen zijn van ons kindje). Maar dat liep anders. En toen ik in januari wat meer energie had, en daardoor behoefte aan wat anders dan alleen maar tv kijken op de bank, leek het me een goed idee toch mee te gaan. Ik wil al jaren naar zo’n Back to the 90s feestje. Pure nostalgie 😉 En het feestje was toen nog zó ver weg, tegen die tijd zou het vast wel beter gaan met de input.

Niet echt dus. We kopen oordoppen. Ik bedenk me in de week ervoor wel 10 keer dat ik misschien beter niet kan gaan. Maar bedenk steeds weer: we gaan het zien, en als het niet gaat zijn we ook zo weer weg. We zijn met een groep hele leuke en lieve mensen. De muziek brengt veel ‘o ja’-momentjes terug. Veel beter dan dit kunnen de omstandigheden voor een feestje niet zijn. Maar toch voel ik me ontheemd. Midden in de mensenmassa sta ik te denken: “Ik heb 3,5e maand geleden mijn zoontje gecremeerd. En dat weten jullie allemaal niet. Wat gek”. Die zwarte sluier van verdriet hangt ook nu weer over alles heen. Het gaat een uur en een kwartier goed. Daarna wordt het overleven en bikkel ik door tot ook mijn man er even later klaar mee is. En we gaan naar huis. Op zich goed dat we gegaan zijn denk ik. Maar echt leuk geweest? Nee.

Museum

Lumen had deze week vakantie. Heerlijk om haar meer thuis te hebben. Maar omdat mijn man en ik allebei zo laag in onze energie zitten, komt het er meestal op naar dat we haar als een soort estafettestokje doorgeven op een dag. Ik de ochtend en mijn man de middag, of andersom. We wilden ook graag 1 keer iets met z’n drietjes doen. Er zou veel regen vallen, dus we gingen voor een binnenactiviteit. Het werd het Naturalis in Leiden. Daar blijkt het ontzettend druk. File lopen door het hele museum. Er is niet echt een kinderspeurtocht ofzo, dus we moeten zelf echt aan de bak om Lumen door het museum te kletsen.

Er zijn heel veel gezinnetjes met meerdere kinderen. En heel veel baby’s. Erg moeilijk en confronterend. Nou is dat gevoel al bekend van de afgelopen jaren, met alle miskramen. Baby’s en zwangere vrouwen zijn gewoon moeilijk. Maar dit is de eerste keer dat we er na Tieme zo mee geconfronteerd worden. Bij elke baby probeer ik in te schatten hoe oud hij is. En denk ik: zo oud was Tieme nu geweest als hij nog geleefd had. Of: zou groot was Tieme ongeveer geweest als hij op z’n normale tijd geboren was. Natuurlijk zijn er wel kleine momentjes dat ik van onze dochter geniet. Als ze helemaal weg is van een nep-herdershond. Als ze enthousiast voor de zoveelste keer in een rij aansluit om door een verrekijker te kijken. Maar het is vooral weer overleven. En het duurt allemaal langer dan onze input-emmer aankan.

Koorddansen

’s Avonds liggen we uitgeput op de bank. Ik trek hardop de conclusie dat het momenteel gewoon echt moeilijk is om iets als ‘leuk’ te ervaren. Het is één grote koorddans-act, waarbij we rekening moeten houden met hoeveel energie we hebben, welke activiteit geschikt is (feestjes en musea dus nog even niet), en of het niet teveel is in combinatie met de therapie waar we inmiddels allebei mee begonnen zijn, de ziekenhuisbezoeken (waar we er in januari/februari alweer 3 van hadden, gelukkig nu hopelijk tot november niet), en de normale dagelijkse dingen. We proberen de act zo goed mogelijk te doen. Maar knikkeren ook regelmatig keihard van het koord af. Omdat we een inschattingsfoutje maken over de activiteit. Omdat we onszelf overschatten. We zullen af en toe een misstap maken.

Het is niet gek. Het is pure rouw. En dat is gewoon vermoeiend en heftig. Ik denk dat het wel gaat helpen om nu in ieder geval ook te beseffen dat op dit moment gewoon niets leuk is. Scheelt weer in de verwachtingen vooraf.

Het is trouwens lente vandaag. Daar zijn we wel aan toe.

Lente in ’t bakkie

Tieme heeft volgens de watermethode in een mooie glazen cylinder gelegen. Die cylinder staat nu op ‘zijn’ plekje in onze woonkamer, met steeds wat anders erin. Zo met de lente in aantocht vond ik het wel weer tijd voor een nieuwe vulling!

De afgelopen maand lagen er sneeuw en lichtjes in, zoals je kan zien in dit blog. Maar ik heb er weinig vertrouwen in dat het nog gaat sneeuwen dit jaar. En het is over een paar dagen maart, dus lente – in ieder geval volgens de meteorologische telling, die ik überhaupt een stuk logischer vind dan de astronomische, want hallo zeg: anders valt Sinterklaas in de herfst! Dus ik ging op zoek naar iets nieuws.

Het zijn kleine vilten bolletjes geworden in verschillende kleurtjes. Met onze poppetjes erin.

Ik ben niet 100% tevreden: na een 2e extra bestelling vind ik dat het eigenlijk nog steeds te weinig bolletjes zijn. En de kleurencombi is uiteindelijk wat donkerder uitgevallen dan ik voor ogen had. Maar ach, een goeie oefening in OK zijn met het imperfecte 😉

Een volgend project wordt om een foto van Tieme in te lijsten en een plekje te geven. Dat blijkt een langer project dan ik dacht, want: hoe groot dan (eerst wilde ik joekeloekesgroot, nu toch een iets bescheidener formaat), waar dan (bij de andere foto’s van ons gezin aan de muur, of toch een eigen plekje?) en natuurlijk: welke foto dan? Zoals met alles momenteel blijkt ook dit project z’n tijd te kosten. Ik ben vrij ongeduldig, maar het lukt me in deze periode verrassend goed om de dingen gewoon z’n tijd te geven. Dus ik denk er af en toe over na en laat het dan rustig weer even los, totdat de knopen op en gegeven moment vanzelf doorgehakt blijken.  

Voor nu heb ik in ieder geval weer goed gezorgd voor mijn verdriet. Laat de lente maar komen!

Mijn lijf

mijn zwangere lijf

Door de zwangerschap heb ik nu echt nog een zwanger lijf. Dat is al confronterend als je een levend en gezond kindje hebt gekregen. Maar nu voelt het echt heel wrang. En nutteloos. Toch heb ik een heel dubbel gevoel over mijn lijf: het is ook zo enorm sterk en krachtig.

Zwangerschapslijf

De extra kilo’s die eraan gekomen zijn tijdens de 7 maanden zwangerschap zijn er niet direct af. Ook kon ik het vanaf de 20w echo niet meer aan om met andere zwangere moeders in yoga- of zwangerfitlessen te zijn. Er was zoveel bezorgdheid en onzekerheid rondom Tieme, dat ik er niet aan moest denken om met de onbezorgdheid en onschuldige zwangerschapskwaaltjes van andere moeders geconfronteerd te worden. Met als gevolg dat ik ook heel stram was na de zwangerschap.

En dat is behoorlijk confronterend. Toen ik mijn dochter kreeg was ik erna ook verre van fit. En bleef ik vrij lang een kilo of 6 te zwaar. Maar dat vond ik prima. Ik gaf tenslotte borstvoeding. Ik had slechte nachten. Het voelde als het beetje reserve wat ik nodig had om dat eerste jaar door te komen. Het was ‘voor het goede doel’. En die kilo’s zijn er na dat jaar ongemerkt afgegaan.

Nu voelt dat totaal anders. Ik pas mijn normale broeken nog niet. Shirtjes zitten te strak om mijn buik. En het zit me deze keer echt in de weg. Naast alles wat mis is gegaan, het zoontje wat ik verloren heb, voelt het alsof ik dan in ieder geval toch maar zo snel mogelijk mijn eigen lijf weer terug wil. Ik wil weer soepel zijn.  De kilo’s eraf. De conditie op peil. Zo snel mogelijk terug naar vóór deze zwangerschap. Die zo ontzettend verdrietig afliep. Het zwangerschapslijf confronteert me met wat had moeten zijn. Met wat er niet is. Deze keer is ‘het goede doel’ dood.

Sterk

Tegelijkertijd ben ik zo ontzettend trots op mijn lijf. Het lijf wat 6 weken na de pre-eclampsie alweer ontzettend goede bloedwaarden produceerde. De nier- en leverfunctiestoornissen waren alweer bijna helemaal opgelost. De bloedplaatjes aangevuld. Het lijf wat na afbouw van de bloeddrukmedicatie zelf de bloeddruk weer prima houdt.

En ook het lijf wat tijdens mijn knie-revalidatie 8 jaar geleden zonder morren 8 maanden op de bank zat, zonder enige vorm van rugpijn of andere pijn. Dit tot grote verbazing van mijn omgeving, uit hun reacties leek het alsof iedereen in die situatie rugpijn zou krijgen. Maar mijn lijf niet.

Het lijf wat naast 2 zwangerschappen ook nog 4 miskramen te verwerken kreeg. En wat na elke miskraam fysiek vrij snel weer herstelde en fit was.

Ongelooflijk eigenlijk, hoeveel mijn lijf de laatste jaren heeft verdragen en gedragen. Wat een sterk lijf.

Dubbel

Het voelt dus heel erg dubbel. Of eigenlijk driedubbel. Want naast dit alles voelt het ook nog heel erg moeilijk dat mijn lijf niet zo geschikt blijkt voor zwangerschappen. Mijn lijf, wat heel snel zwanger wordt. Maar wat die zwangerschappen vaak niet goed in stand weet te houden, waarschijnlijk door de schildklierantistoffen. En wat het waarschijnlijk niet goed voor elkaar heeft gekregen Tieme voldoende voeding te geven tijdens zijn zwangerschap. Dat doet pijn. Heel veel pijn.

En nu dan?

Aan de zwangerschapsproblematiek kan ik helaas niets doen. Voor nu probeer ik me te focussen op wat ik wèl kan doen. Gezond eten. Zoveel mogelijk fietsen. Naar yoga. Voldoende slapen. En ik denk dat er ook mentaal nog wel wat te winnen is in hoe ik over mijn lijf denk. Dus heb ik als voornemen om mijn lijf te eren. Op een voetstuk te plaatsen. Te bedenken voor hoe sterk het is geweest, en hopelijk nog heel lang blijft. Want gezond zijn en blijven, dat is misschien wel het belangrijkste goede doel.

Bleh

Zo prima als maandag de 3 maanden dag voorbij ging, zo moeizaam gaan de afgelopen dagen.

Ik loop door de stad. Ik mag van mezelf iets nieuws uitzoeken omdat de eerste 5 zwangerschapskilo’s eraf zijn. Dat lukt maar moeizaam. Wat ik leuk vind, vind ik nog niet mooi staan. Tja, die andere 5 kilo zit er nog wel aan, dus heel tevreden ben ik nog niet over mijn spiegelbeeld. En dat leuke jurkje waar ik me tijdens mijn zwangerschap al op verheugde blijkt helemaal uitverkocht. Ik zie wel veel mama’s lopen. Met babyjongetjes. Of peuterjongetjes. Ik loop in de Hema met een grote boog om de babyafdeling heen.

Ik sta op het schoolplein. Een oud-studiegenootje komt aanlopen. Haar kinderen zitten op dezelfde school. We zouden al een tijd een keer koffiedrinken. Ergens dit najaar appte ik dat af: “het lukt voorlopig niet, mijn zoontje gaat waarschijnlijk binnenkort dood in mijn buik”. Dit is de eerste keer dat ik haar weer zie en spreek. Tranen met tuiten. Gelukkig krijg ik een lieve arm om me heen. Het is meer dan een traantje laten, ik moet echt hard huilen.

Deze dagen zijn het moeilijkst. Waarin het verdriet zo duidelijk aanwezig is. Overal een zwarte sluier over ligt. Ik weet inmiddels dat ik ze door zal komen. Dat het na een paar dagen weer wat dragelijker zal voelen. Het is echt uitzingen, de dagen doorkomen.

Mijn dochtertje zei gisteren vol trots dat ze wist wat voor dag het vandaag zou zijn: de dag van de Salenvijn. De dag van de liefde. Ik moest even nadenken. Valentijnsdag dus 😀 Ik kreeg vanmorgen een ontbijt op bed van mijn lieve man. Dochter wist dat, en kroop heerlijk bij me in bed tot het ontbijt klaar was.

Ze bleek een prachtige tekening gemaakt te hebben gisteren op school. Zes kleine tekeningetjes eigenlijk. In één ervan had ze een sterretje getekend. Ik zag het meteen. Maar zei er niets over. Toen ze op een gegeven moment van elke tekening ging vertellen wat het was, noemde ze ook terloops dat dat sterretje Tieme was. Het is fijn om te merken hoe vanzelfsprekend hij op deze manier in haar leven en gedachten verweven is.  

Vanavond komt de oppas, en ga ik met mijn man op date. Lekker cheezy. Maar hé, kom op zeg. We hebben genoeg ellende gehad. Laten we vooral de liefde vieren! Dat is de laatste jaren belangrijker geweest dan ooit. Laat ons maar lekker cheezy zijn 😉

En dat jurkje heb ik online besteld. In de gedrochten van internet nog 1 exemplaar gevonden, in een kleine webwinkel uit Zeeland. Ik ben benieuwd.

Ik ga de dag tegemoet. Ik ga genieten van de liefde. Met sluier en al.

3 maanden

3 maanden

Gisteren was het 3 maanden geleden. 3 maanden geleden werd Tieme geboren. 3 maanden geleden werd eindelijk duidelijk wat de uitkomst zou zijn van onze enorme achtbaan van 2,5e maand. Hij overleefde de bevalling niet. We moesten echt afscheid gaan nemen van ons zoontje.

Dit was eigenlijk de eerste maand dat ik er bewust bij stil stond. Met 1 maand was ik nog zo moe en slap. De dagen regen zich aaneen in één lange overlevingstocht vol verdriet en slaap. De 2 maanden viel in de eerste week na de kerstvakantie. In de week waarin ik voor het eerst Lumen weer naar school bracht, voor het eerst weer naar yoga ging, waarin ik het eerste ‘kraam’bezoek ontving. Een volle week, waarin de 10e ongemerkt voorbij ging.

En nu is het dus alweer 3 maanden geleden. De avond ervoor dacht ik er al aan: “nu begonnen de weeën, morgenochtend werd Tieme geboren”. Gisteren was een fijne dag. ’s Morgens kwam een vriendin die ik nog niet gesproken had koffie drinken. Zij heeft helaas ook verliezen gekend. Dat praat toch fijner. Er is echt verschil tussen mensen die dichtbij een verlies hebben meegemaakt, en mensen die daar nog niet mee te maken hebben gehad. We bekeken de foto’s, lieten samen tranen, en praten bij over de afgelopen hectische periode.

’s Middags was ik moe maar voldaan van de fijne ochtend. Ik las wat op blogs van mede-baby-verloren-mama’s. Ik begon in het boek ‘Sara en Liv’, van een mama die maar liefst twee baby’tjes verloren heeft. Ik luisterde voor het eerst sinds heel lang het liedje wat we met Tieme’s crematie gedraaid hebben.

Het is alweer een kwart jaar geleden. Dat klinkt echt lang. Ik wou dat Tieme een maand oud was. En levend, gezond en wel bij ons was.

Rouw inspiratie

rouw inspiratie

Ik leer de laatste maanden veel over rouwen. Iets wat me eerder niet goed lukte.

Niet bij het verliezen van mijn gezondheid na mijn skiongeval 8 jaar geleden. Na 2 jaar revalideren kon ik wel weer lopen. Maar ik kan niet meer rennen. Ik beachvolleybalde. Dat mis ik nog steeds. Ook in andere dingen in mijn leven heeft het groot effect gehad. Hoe groot dat effect is, realiseer ik me de laatste jaren eigenlijk pas. Echt rouwen om dit verlies, om wat ik niet meer kan, het sociale leven wat deels is weggevallen hierdoor, de rug- en bekkenklachten die waarschijnlijk hierdoor opspeelden in mijn zwangerschappen: dat heb ik eigenlijk niet gedaan. Ik was vooral bezig met fysiek herstel, met proberen zo snel mogelijk weer op de been te komen. Letterlijk.

Ook bij de 4 miskramen die ik gehad heb, heb ik weinig echt gerouwd. Zodra ik fysiek weer wat opgeknapt was ging ik weer aan het werk. En altijd weer zo snel mogelijk terug naar ‘het normale leven’.

Nu is mijn zoontje dood geboren. Nu moet ik wel. Ik lees alles wat los en vast zit over rouw. Blogs. Websites. Boeken. Hier ter inspiratie de dingen die mij het meest aanspraken.

Own your grief

Via de prachtige TEDtalk Owning Our Grief leerde ik Alana Sheeren kennen. Ik herkende veel in de talk: het jezelf beloven iedere les te leren die dit verlies je kan leren, omdat je zoiets nooit, maar dan ook nooit meer mee wilt maken. Het feit dat groot verdriet je midden in een vuur plaatst, en alles wegbrandt wat niet essentieel is in ons leven. Heerlijk ook dat zij me dat zo vertelde, dit geeft me ‘toestemming’ om alles wat nu niet goed voelt weg te laten branden. Geen energie te stoppen in wat nu niet absoluut noodzakelijk of fijn is.

Ik lees momenteel haar blog over het verlies van haar zoontje Benjamin. Wederom zo ontzettend veel herkenning. Over de angst om nog andere dierbaren te verliezen. Die angst is bij mij een miljoen keer groter dan vóór het overlijden van Tieme. Wat fijn om te lezen dat ik hierin niet de enige ben.

Daarnaast is ze zo ontzettend inspirerend. Het raakt me keer op keer hoe mild ze kan zijn voor haar eigen verdriet. Bijvoorbeeld door op slechte dagen aan haar hart te vragen wat het nodig heeft. Dat blijkt bij mij ook goed te werken. De ene keer is het antwoord ‘naar buiten’. De andere keer ‘ga een stukje van de babyspullen opruimen’. Soms ‘series kijken op de bank’. Zolang ik luister, wordt de dag draaglijker.

Zorgen voor je verdriet

Op de website Vlinderkusje las ik dit blog over ‘zorgen voor je verdriet’. Prachtig. Op Tieme’s plekje in de woonkamer staat nog steeds de glazen cylinder waar hij in lag. Na zijn crematie deed ik er drijfkaarsen in. Dit blog inspireerde me om het plekje nog wat mooier te maken. Ik kan dan wel niet meer voor Tieme zorgen, maar het doet me goed om zijn plekje wel fijn te blijven maken. Met kerst legde ik er lichtjes en kerstballen in. Na kerst onderstaande poppetjes in de sneeuw. Nu deze januari de warmste ooit bleek, is de kans op sneeuw dit jaar wel verkeken 😉 Dus ik ga binnenkort op zoek naar een lente vulling.

Tieme’s winterplekje

Poppetjes via liefsvanlauren.nl.

Hoe het medicijn van rouw in te nemen?

Via Alana kwam ik op de website van Danielle Laporte. Dit stuk over hoe het medicijn van rouw in te nemen sprak me enorm aan. Over jezelf ruimte mogen (moeten!) geven voor rouw. Over hoe rouw in je hele lijf zit. En dat bewegen letterlijk helpt het te verteren. Ik luister nu haar podcast With Love.

Rouwen

Lezen over rouw helpt me. Om bewust met mijn rouw om te gaan. Er de tijd voor te nemen. Het brengt tranen naar boven. Tranen die eruit moeten. Fijn om herkenning en inspiratie uit andere verhalen te halen.

Mocht je nog een blog kennen van een recent verlies van een baby: ik hoor het graag! Ik lees verschillende Nederlandse blogs, maar de meesten zijn over kindjes die al langer geleden overleden zijn. Het lijkt me fijn om ook te lezen van iemand die dit pad in dezelfde periode loopt als ik.