Hoe dan?

Hoe moeten we hier doorheen komen? Hoe moeten we verder? Het ‘verwerken’? ‘Een plekje geven’? Het voelt als te groot. Te veel.

Het leren omgaan met van het verlies van Tieme.

Het verwerken van de traumatische maanden voorafgaand aan zijn geboorte. De achtbaan vol moeilijke beslissingen, ziekenhuisbezoeken, onderzoeken. Elke dag weer voelen of ik ons kindje nog voelde bewegen, er rekening mee houdend dat hij elk moment kon overlijden. En toch elke keer weer kleine beetjes hoop.

De 4 miskramen die we eerder al hadden.

En bij dat alles nog de gedachte dat Lumen nu waarschijnlijk enig kind blijft. Dat de kans dat we dit ooit nogmaals aandurven heel klein is. En als we het al aandurven, dat de kans dat het dan lukt ook niet groot is. Gegeven dat we nu uit zes zwangerschappen maar 1 levend kindje hebben.

Ik probeer heel goed naar mezelf te luisteren. Doe alleen wat goed voelt. Plan maar weinig in. Zet alle bezoek-verzoekjes on hold, tot ik er zelf aan toe ben. Probeer elke dag even buiten te komen. Af en toe lekker met m’n handen bezig: achter de naaimachine, of ‘visible mending’ uitproberen. Schrijven. Ik probeer m’n tranen toe te laten als ze opkomen. Wanneer en waar dan ook. Ze niet tegen te houden, wat toch mijn basisreactie is.

Ik voel dat dit de enige manier is om hier doorheen te komen. Rouwen, het verdriet om alle dingen hierboven volledig doorvoelen. Alle tijd hiervoor nemen. En mezelf alle ruimte geven die ik nodig heb.

Ik heb mezelf beloofd echt naar mezelf en mijn gevoel te luisteren dit keer. Dat valt zeker niet altijd mee. Maar ik ga ervoor. Ik volg mijn eigen lichtje.

De eerste 2,5e maand

De eerste dagen na Tieme’s geboorte voelden als ontzettend druk en vol.

In het ziekenhuis: de deur werd platgelopen door dokters, zusters, maatschappelijk werker, weer andere dokters en zusters. Tussendoor probeerden wij onze familie en vrienden op de hoogte te brengen, de crematie te regelen, en dan ook nog tijd te vinden af en toe met Tieme te zitten. Onze ouders zijn langsgekomen om hun kleinzoon te zien.

Thuisgekomen werd het niet rustiger. We hadden maar twee dagen tot de crematie. Vol met het ontvangen van de kraamverzorgster, verloskundige, begrafenisonderneemster, met het regelen van de crematie, en tussendoor wederom hard knokken om toch minstens 2x per dag Tieme uit het water te halen en te knuffelen. We hadden geen energie om vrienden of familie te zien. Ik was nog hartstikke ziek, en de dagen zaten al zo rammend vol.

Na de crematie waren we helemaal kapot. Ik heb weken in bed gelegen. Ik moest fysiek herstellen, maar ook mentaal wilde ik alleen maar in bed liggen met de dekens over me heen.

We krijgen veel hulp van onze ouders. We hebben namelijk nog een meisje van bijna 5 rondlopen, wat heerlijk energiek is. Hartstikke fijn dus, die hulp. Maar eigenlijk ook te druk voor ons. Te veel input. We zijn allebei heel erg overprikkeld en kunnen weinig aan.

Na een week of 6 ben ik gaan proberen wat kleine dingen op te pakken. De vaatwasser uitpakken. Een wasje doen. Kleine blokjes lopen om het huis.

Dan is het kerstvakantie. Omdat ik inmiddels weer wat meer kan, komt niet alles meer op mijn man neer, en redden we het eindelijk met z’n drietjes. We genieten van elkaar. We zijn verdrietig. We zeggen alle plannen met familie en vrienden af. Te druk. Te moeilijk.

Na kerst voel ik me fysiek best weer goed. Ik probeer weer wat meer te doen: dochter naar school brengen, naar yoga. Af en toe afspreken met mensen. Dat lukt. Maar het houdt niet over. Het is al snel te veel.

In de derde week van januari is onze dochter jarig. We vieren het klein. We hebben een fijne dag. We zijn zo ontzettend blij met haar! Dus we doen er alles aan om dit een fijne dag te laten zijn. Tegelijk is het ook weer een moeilijke dag. Het is namelijk mijn uitgerekende datum van Tieme.

En nu is het alweer eind januari. Het is fijn om weer wat te kunnen. Zolang ik maar niet te veel doe en wil. Voldoende tijd plan om bij te komen. Om mindere dagen te kunnen hebben. Dit is blijkbaar wat nu nodig is. Dus laten we dat dan maar doen.

100.000 stukjes

Mijn zoontje is dood geboren.

Na een skiongeval waar ik mijn knie zo stuk maakte dat ik opnieuw moest leren lopen – dit kostte me twee jaar – , een hele spannende miskraam waar ik 2 keer met spoed voor het in ziekenhuis ben opgenomen en die uiteindelijk een maand duurde, het herstel van mijn zwangerschap waar ik zulke bekkenklachten had dat het herstel weer 2 jaar duurde, en de 3 miskramen daarna, dachten we dat we alles wel gehad hadden.

Dat was niet zo. We durfden eigenlijk niet meer. Maar we raakten onverwachts zwanger. We waren uitzinnig blij dat deze zwangerschap bleef. Maar we moesten veel te vroeg afscheid nemen van onze lieve Tieme. Te moeten bevallen van een kindje wat nog leeft in je buik, maar waarvan je weet dat hij de bevalling waarschijnlijk niet zal overleven. Je dode kindje in je armen houden. Je dode kindje mee naar huis nemen. Je kindje moeten cremeren. Al 5 dagen na zijn geboorte definitief afscheid van hem te moeten nemen.

Ik ben in 100.000 stukjes gebroken. In gruzelementen. Ook dit moeten we weer achter onze kiezen zien te krijgen. De scherven en brokstukken bij elkaar rapen, en zo goed mogelijk weer lijmen. Hoe dat gaat en wat het resultaat is, nog geen idee. We gaan het zien.

Tieme’s verhaal

Dit is het verhaal van de zwangerschap en geboorte van onze zoon.

4,5w (begin mei) – Ik ontdek ik dat ik zwanger ben. Hoewel we al jaren hopen op een 2e kindje komt deze zwangerschap als een verrassing. Na 4 miskramen zitten we nu middenin in de onderzoeken. En we weten niet of we überhaupt het verdriet van nog een miskraam aankunnen. Dus we hadden besloten eerst de onderzoeken af te wachten. Maar wonder boven wonder is mijn eisprong een heel eind verschoven. Terwijl ik altijd heel regelmatig ongesteld ben. Deze zwangerschap voelt ‘alsof het zo heeft moeten zijn’. We zijn hartstikke blij. En ook ongerust natuurlijk.

9w – We krijgen de eerste echo. Alles ziet er goed uit. Zover heeft alleen onze dochter het gebracht, dus we beginnen vertrouwen te krijgen dat ook dit kindje zal blijven.

11w – Nog een echo. Wederom alles goed. We durven nu toch echt te geloven dat we een tweede kindje zullen krijgen! Wat fantastisch! We zijn ontzettend blij en dankbaar.

19w (eind aug) – Op de 20w echo blijkt ons kindje een forse groeiachterstand te hebben, en veel te weinig vruchtwater. De artsen zijn direct zeer bezorgd.


20w – Meer echo’s volgen, en we wegen de risico’s van nader onderzoek af tegen de kans dat we hier meer informatie uit zouden krijgen. Het eerste van, wat later blijkt, vele moeilijke besluiten. Waarbij je echt geen snars hebt aan kansen als het gaat om het leven en dood van je eigen kindje. De prognoses zijn zeer somber.


21w – Op de groeiecho blijkt alleen zijn hoofdje wat gegroeid, zijn beentjes en buikje niet. Dat is echt helemaal mis. Ons zoontje zal de komende weken in mijn buik overlijden.


22w – We zijn er kapot van. We vertellen het Lumen. We bereiden zo goed en zo kwaad als het gaat de geboorte en het afscheid van ons mannetje voor. We moeten besluiten of we de zwangerschap actief af willen breken.


23w – Op de groeiecho blijkt toch ineens weer een beetje groei op alle fronten. Nog steeds veel te weinig. Maar toch, groei. Het vruchtwater is daarentegen zo goed als op. Wat op zo’n vroege termijn een zeer groot probleem is. We besluiten de zwangerschap niet af te breken en het aan de natuur te laten. De gynaecoloog geeft 99,9% kans dat het kindje de zwangerschap en eventuele couveusetijd niet overleefd. Ondertussen voel ik ons kindje dagelijks, en steeds beter. Erg surrealistisch. En gevoelsmatig totaal niet kloppend met de kansen die ons om de oren geslingerd worden. Het geeft, samen met de onverwachtste groei, toch weer hoop op een wondertje.


24w – We gaan op de neonatologie afdeling in Rotterdam praten. Qua termijn komt ons kindje in een levensvatbare fase met 24w zwangerschap. Is het wellicht beter het kindje te halen en te kijken of hij buiten de buik beter groeit? We worden echter naar huis gestuurd: tot ons kindje 450gr is kunnen ze niets voor hem betekenen en is hij nog veel te klein en kwetsbaar om te overleven. Ze hebben een totaal andere theorie over de oorzaak van de groeiachterstand dan onze gynaecoloog in Delft. Wat heel verwarrend is voor ons. Ze spreken elkaar tegen, maar ze weten het eigenlijk allemaal niet zeker. Al zijn ze het over het belangrijkste eens: ons jongetje is nu 300gr, en ook in Rotterdam verwachten ze niet dat hij de 450gr zal halen en dat hij zeer binnenkort in mijn buik zal overlijden.

25-28w – Ons jongetje blijft heel langzaam groeien. De achterstand loopt op tot 7w. Maar hij gaat niet dood. We bikkelen de dagen door tussen hoop en vrees. Met mij zelf gaat het inmiddels ook fysiek heel slecht. Ik heb ontzettend veel rugpijn waardoor ik de dagen nauwelijks doorkom en de nachten al helemaal niet. Fysio, pijnstilling, slaapmiddelen helpen allemaal niet. Mijn lijf krijgt het gewoon niet opgelost door de zwangerschap en de lange weken van mentale stress en emoties. Naast alle echo’s en gesprekken beland ik voor de 3e keer in het ziekenhuis om te controleren op pre-eclampsie (zwangerschapsvergiftiging), wegens hoofdpijn en uitvalverschijnselen van m’n linkerhand. Maar mijn bloeddruk en bloedwaarden zijn prima. Dus we gaan weer naar huis en wachten af.

29w – Tegen alle verwachtingen en voorspellingen in leeft ons mannetje nog steeds. De magische grens van 450gr is bereikt. De hoop op een wonder blijft. We gaan terug naar Rotterdam om te bespreken wat dit betekent voor zijn kansen, en hoe de komende weken eruit gaan zien. Ons jongetje leeft nog. Maar dit gesprek veegt de hoop op een gezond kindje wederom volledig weg. De neonatoloog maakt zich zorgen om een waslijst aan dingen die als mis zijn, of mis kunnen gaan, wegens de enorme groeiachterstand die inmiddels al vanaf in ieder geval week 17 aan de gang is. De kans dat ons kindje door de ogen van al die naalden zal kruipen en toch levend en gezond ter wereld komt, en gezond blijft in zijn couveusetijd, is miniem. Maar ja, de kans dat hij nu nog zou leven was ook eigenlijk afwezig, en hij is er nog. Kansen zijn echt akelig, je hebt er niets aan zolang je het niet zeker weet. We gaan naar huis met de opdracht na te denken over allerlei besluiten over hoe actief we willen proberen ons kindje in leven te houden mocht hij nu geboren worden, of pas over een paar weken wanneer hij weer wat zwaarder is, over of we alsnog risicovol aanvullend onderzoek willen laten doen waardoor we in ieder geval beter de oorzaak weten, etc. In de beslisboom die we die avond tekenen verschijnen 11 te nemen besluiten. Allemaal even zwaar en moeilijk.

30w – We zijn terug in Rotterdam om onze besluiten en de scenario’s voor de komende weken te bespreken. We zijn de hele ochtend in de weer met gesprekken met de arts, aanvullend onderzoek (toch maar wel), groeimetingen, een CTG van ons kindje. Hij is zo beweeglijk dat de CTG metingen mislukken. Dit vindt de arts een goed teken en de conclusie is dat als hij zo beweeglijk is, en nu nog niet overleden is, hij dat ook niet zomaar zal doen de komende weken. We spreken af dat ik met 34w opgenomen zal worden om dagelijks gecontroleerd te worden en met 37w (= rond kerst)  ingeleid word. Het is al halverwege de middag als we bedenken dat er ook nog even een routinecontrole van mijn bloeddruk gedaan moet worden. We zijn inmiddels helemaal op van alle gesprekken, besluiten en onderzoeken. Mijn bloeddruk is veel te hoog. Dit verbaasd ons niet na zo’n lange dag. Maar ook na 2u rustig liggen is de bloeddruk torenhoog, en bloed- en urinetests geven alarmerende uitslagen. Ik blijk ernstige pre-eclampsie met nier- en leverfunctiestoornissen te hebben. Ik word direct opgenomen en moet zo snel mogelijk bevallen. Tieme wordt 3 dagen later geboren en heeft de bevalling niet overleefd. 

Nog geen 3 maanden

Nog geen 3 maanden geleden verloor ik mijn zoontje. Iets langer dan 5 maanden geleden werden we van onze roze wolk getrapt. Het kindje wat zo gewenst was, waar we zo ontzettend blij mee waren, wat onze dochter dan toch eindelijk grote zus zou maken, bleek een forse groeiachterstand te hebben.

Een achtbaan van verdriet, ongeloof, ontzettend moeilijke beslissingen, met af en toe toch kleine beetjes hoop, volgde. De achtbaan duurde 2,5e maand. Op 10 november 2019 werd Tieme dood geboren.

Laat dit blog mijn eigen kleine plekje op het internet zijn. Mijn plekje van rouw. Van verdriet. Van verwerking. Een eigen website of app bouwen staat al een tijd op mijn bucket list. In mijn hoofd fluistert een stemmetje dat dit het moment is.

Vanaf nu is alles anders. Ik wil de tijd nemen om dit verlies echt te doorvoelen. Om te rouwen om Tieme. Iets wat ik bij eerdere/andere verliezen niet altijd even goed gedaan heb. Af en toe begint mijn ongeduldige en pragmatische zelf alweer te kriebelen. Maar ik heb geen haast. Het is nog geen 3 maanden geleden.